AI-detectie in de Kamer
Wat vinden AI-detectoren van teksten die zeker niet door AI zijn geschreven? Ik liet tien open-source detectoren 13.479 passages uit Kamertoespraken van 1814 tot 2020 beoordelen. Een passage telt als ‘AI’ wanneer minstens twee detectoren het eens zijn: dat geldt voor 38% van alle passages en voor 43% van die van vóór 1960. De 23 passages die wél door AI zijn geschreven worden allemaal herkend.
De detectoren meten vooral hoe tekst eruitziet (formeel, regelmatig, ouderwets, vol OCR-ruis), niet wie hem schreef. De ene detector verdenkt de 19e eeuw, de andere het heden. Een score van een AI-detector is geen bewijs.
Twaalf citaten
Kies een Kamerlid. Elke zin is rood gekleurd naar het aantal detectoren (van tien) dat die zin op zichzelf als AI aanmerkt; het cijfer erachter is dat aantal.
Elke detector, per jaar
Het aandeel passages dat een detector als AI aanmerkt, per jaar. Rood: detectoren die vooral 19e-eeuwse tekst verdenken. Blauw: detectoren die vooral recente tekst verdenken. Zet lijnen aan of uit, of beweeg over de grafiek.
De meest AI-achtige Kamerleden
Gemiddeld aantal detectoren (van tien) dat een passage van deze Kamerleden als AI aanmerkt, met 95%-betrouwbaarheidsinterval. Rood: detectoren die vooral 19e-eeuwse tekst verdenken, blauw: detectoren die vooral recente tekst verdenken. De stippellijn is het gemiddelde van een willekeurige toespraak uit 1840–1959.
Bron: Handelingen der Staten-Generaal, Tweede Kamer, 1814–2020. Tien open-source AI-detectoren, elk gebruikt zoals geleverd.